Bestuurlijke hoofdlijnen 2024-2027

Groenagenda

De Groenagenda is de integrale aanpak om de komende jaren nogmaals 20 ha meer groen in de stad te realiseren. De gemeente werkt aan klimaatadaptatie in de stad (‘Rotterdams WeerWoord’), aan biodiversiteit en aan groenblauwe verbindingen. Dit inclusief de rivieroevers. In de zomer van 2023 wordt dit actieplan 2023-2026 aan de gemeenteraad voorgelegd.

Via het Recreatieschap Rottemeren werkt de gemeente aan het realiseren van het Ontwikkelplan Landschapspark de Rotte. Het Landschapspark omvat de hele Rotte, van oorsprong tot dam. De stedelijke Rotte moet namelijk beter en levendiger worden, als groenblauwe verbinding tussen stad en landschap. Ook het Museumpark ondergaat een metamorfose, in aansluiting op de ontwikkeling van het Depotgebouw met een nieuw voorplein en de renovatie van Museum Boijmans Van Beuningen.

 

Stadsprojecten

De komende jaren begint de uitvoering van de eerste stadsprojecten. Het doel is de stad mooier, beter en groener te maken, én om meer ruimte te bieden aan cultuur en buitenspelen. Verder zijn de projecten een vliegwiel voor woningbouw en stimuleren de stadsprojecten de lokale economie.

Bij de stadsprojecten en uitvoering van de Visie op de Openbare  Ruimte werken we integraal met andere grote ontwikkelingen, zoals de Groei van de Stad, de energietransitie, klimaatadaptatie (Rotterdams WeerWoord) en de groei naar een circulaire economie.

 

Milieu

De gemeente heeft de ambitie om in deze collegeperiode ongeveer 3.500 woningen per jaar te realiseren. Dat maakt het noodzakelijk om te bouwen bij snel-, spoor- en vaarwegen en industrieterreinen. Maar op deze locaties liggen ook grote opgaven op het gebied van luchtkwaliteit, geluid, bodem en externe veiligheid. Het is daarom van essentieel belang om milieuexperts vroegtijdig te betrekken bij deze ontwikkelingen.

 

Omgevingsvisie

Per 1 januari 2024 treedt de Omgevingswet in werking. Deze wet heeft grote gevolgen voor het ruimtelijk beleid. De invoering van de Omgevingswet is een opgave voor de hele organisatie. Deze opgave richt zich op de 4 maatschappelijke doelen van de wet. Een belangrijke opgave die hieronder valt is het voorsorteren op het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO).

De Omgevingsvisie is vastgesteld in december 2021 en is een levend document. Nieuwe inzichten, trends en ontwikkelingen en de voortgang in de uitvoering maakt dat we de visie periodiek actualiseren. Dit jaar bereidt de gemeente een eerste (gedeeltelijke) herziening van de Omgevingsvisie voor. De basis voor deze eerste herziening zijn:

  • de visie voor de ontwikkeling van de Oostflank;
  • het voorkeursalternatief van de MIRT-verkenning Oeververbindingen (stadsbrug) Rotterdam.

De gemeenteraad heeft opdracht gegeven om de ruimtelijke stedelijke ambities uit de Omgevingsvisie én het coalitieakkoord te vertalen naar concrete, haalbare programma’s en projecten voor de periode 2022-2026 en verder. Deze ambities legt de gemeente vast in een Uitvoeringsstrategie waarmee zij bijdraagt aan goede groei. Dit vraagt om een proces waarin de gemeente op basis van inhoud en financiële middelen prioriteiten stelt en tot samenhangende pakketten komt. Tot slot werkt zij een kader uit voor monitoring en evaluatie van de Omgevingsvisie. Dit kader wordt vastgesteld door de gemeenteraad. Dit helpt om overzicht en regie te houden op de groei van de stad. 

Mobiliteit

In de komende jaren is de inzet op mobiliteit en verkeer, en op vervoer gericht op enkele beslissende stappen die de stad zullen veranderen. De gemeente maakt de drie stadsgebieden Noord (Oude Noorden, Agniesebuurt, Liskwartier), Centrum (Oude Westen) en West (Middelland en Nieuwe Westen) autoluwer, om daarmee de verkeersveiligheid en doorstroming te verbeteren. Binnen de gehele ring komt er betaald parkeren. Met de gemeentelijke partners kiest de gemeente één van de uitvoeringsvarianten van een nieuwe oeververbinding. Met deze stappen komt er meer ruimte in de stad en komen er mogelijkheden voor stedelijke groei en verdichting, zonder dat dit leidt tot meer verkeersopstoppingen en de stad verliest aan aantrekkelijkheid.

 

Wonen

De gemeente herziet de Woonvisie. De basis hiervoor is het Woonakkoord dat de gemeenteraad recent heeft gesloten. De Woonvisie wordt uitgewerkt in een visiedeel (het ‘wat’) en een uitvoeringsprogramma. Dit programma legt de nadruk op de uitvoering in de komende 5 jaar.

Bij het woonbeleid gaat het om het creëren van een aantrekkelijk, divers en betaalbaar woningaanbod, in prettige en veilige wijken. Om te voorzien in de enorme vraag naar woonruimte, blijft de gemeente de komende jaren inzetten op:

  • het snel starten van nieuwbouw,
  • het omzetten van bedrijfsgebouwen naar woningen;
  • vernieuwbouw.

De doelstelling is te beginnen met de bouw van 14.000 – 16.000 woningen in de periode 2022-2026. De nadruk ligt op woningen voor studenten, sociale stijgers, mensen met een middeninkomen en ouderen.

De gemeente is op verschillende manieren bij de woonprojecten betrokken. Zo zijn er gebiedsontwikkelingen die de gemeente op eigen grond uitvoert, zoals Parkstad, Rijnhaven en Merwe-Vierhavens. Daarnaast ontwikkelen andere organisaties projecten op grond die niet van de gemeente is. In die gevallen faciliteert de gemeente de bouw en stelt zij kaders om een gewenste ontwikkeling te realiseren. Hierbij is het minder goed mogelijk om te sturen op planning, programma en verschijningsvorm.

Het wordt steeds belangrijker dat huur- en koopwoningen betaalbaar zijn. Er komen dan ook meer betaalbare nieuwbouwwoningen met de verdeling: 20% sociaal, 35% middensegment, 30% hoger segment en 15% topsegment. Stapsgewijs past de gemeente de verdeling voor nieuwbouw aan naar 25% sociaal, 40% middensegment, 20% hoger segment en 15% topsegment. Daardoor groeit het aandeel betaalbare woningen naar 65% (nu 50%).

Maar fijn wonen vraagt om meer dan alleen een woning. Daarom zet de gemeente via de Omgevingsvisie in op ‘goede groei’ van de stad. In de plannen is er ook aandacht voor voldoende voorzieningen, een fijne buitenruimte, werklocaties, en uiteraard duurzaamheid en aanpassing aan het veranderende klimaat.