Onderwijsbeleid en leerlingzaken

Beleidskaders, -monitors en wetgeving

1. Bevorderen van kansengelijkheid in het onderwijs.

2. Het stimuleren van een passend, toegankelijk, gedifferentieerd en kwalitatief hoogwaardig onderwijsaanbod in de hele stad.

3. Voldoende goede leraren, pedagogisch medewerkers, schoolleiders en instructeurs.

4. Het verminderen van schooluitval.

Ontwikkelingen en voortgang

Ga naar vorig P&C-document
  • Op 31 januari 2019 is in het Rotterdamse onderwijsbeleid “Gelijke kansen voor elk talent” vastgesteld. Inmiddels is dit in uitvoering. In de bijbehorende subsidieregeling is onder andere aandacht voor het verkleinen van kwaliteitsverschillen tussen, burgerschap en leraren.
  • Eind 2019 is met vijf grote besturen in voortgezet onderwijs en mbo een actieplan veiligheid in het onderwijs opgesteld.
  • Om het bereik van de voorschool voor peuters onder de armoedegrens te vergroten worden concrete maatregelen uitgewerkt.
  • In 2019 is de subsidieregeling voorschoolse educatie 2020 aangepast zodat peuters die opgroeien in gezinnen met schulden per 1-1-2020 geen ouderbijdrage meer betalen voor de voorschool.
  • Met het Primair Passend Onderwijs Rotterdam (PPO) en samenwerkingsverband koers VO is samengewerkt om invulling te geven aan activiteiten met betrekking tot hoogbegaafdheid. Hiervoor is door PPO subsidie aangevraagd bij het ministerie van OCW.
  • In overleg met het Rotterdamse scholenveld is besloten om 2019 in te richten als dialoogjaar burgerschap. Voor de zomer organiseren we met het scholenveld een werksessie om kijken of en hoe we tot een breed gedeeld en richtinggevend burgerschapskader in het Rotterdams onderwijs kunnen komen. Daarnaast worden ondersteuning subsidies voor kleinschalige burgerschapsinitiatieven deskundigheidsbevordering van leraren en overige onderwijsprofessionals verstrekt.
  • Op dit moment vinden gesprekken plaats om een internationale campus te realiseren.
  • Aan het begin van het nieuwe schooljaar 2019-2020 is de Dagprogrammering op 30 scholen van de Children’s Zone en één daarbuiten, in Vreewijk, van start gegaan. Daarmee zagen circa 7.500 leerlingen van basisscholen op Rotterdam-Zuid het aantal uren dat zij een schoolprogramma volgen uitgebreid van 940 tot 1340 uur per jaar.
  • Om leerlingen (en ouders) te ondersteunen bij het bewust kiezen voor vervolgonderwijs, faciliteert de gemeente scholen en (welzijns)organisaties die extra hulp en begeleiding bieden.
  • Voor een goede aansluiting van onderwijs en jeugdhulp wordt met de samenwerkingsverbanden passend onderwijs een gezamenlijke opdracht geformuleerd in de ontwikkelagenda voor de actielijnen ‘Stevige basis’  ‘Leerecht’, ‘OZA’ en ‘thuiszitters’. Daarnaast wordt een gemeentelijke visie ontwikkeld op passende kinderopvang, omdat de ontwikkeling van kinderen in de voorschoolse periode van essentieel belang is voor de rest van hun leven.
  • Om tegemoet te komen aan optimale kansen op leren en ontwikkelen krijgen jeugdigen die (langdurig) niet naar volledig onderwijs kunnen een gecombineerd aanbod van zorg- en onderwijs.
  • In het kader van de realisatie van onderwijszorgarrangementen in 2019 zijn we gestart met de evaluatie van de onderwijszorgarrangementen. De resultaten van de evaluatie worden verwacht in het tweede kwartaal van 2020. Met regiogemeenten zijn maatwerkafspraken gemaakt over het “grensverkeer” (Rotterdamse kinderen die buiten Rotterdam naar school gaan). Er zijn een ontwikkelagenda en een werkagenda opgesteld met daarin de aanpak van de grootste knelpunten op gebied van oza. Verder zijn er met de oza middels maatwerkopdrachten 351 kinderen bereikt en via collectieve inzet nog eens ruim 400 kinderen.
  • Er is een gemeentelijke visie ontwikkeld op passende kinderopvang, omdat de ontwikkeling van kinderen in de voorschoolse periode van essentieel belang is voor de rest van hun leven.
  • Door de G4 thuiszittersaanpak zijn bij alle betrokken partijen het urgentiebesef en de alertheid toegenomen. Onderwijs- en zorgpartners en leerplicht scherpen hun werkwijzen aan, om zo vroeg mogelijk, samen met ouders, een goed aanbod te realiseren. Dit gebeurt aan de basis, zodra ziekteverzuim of thuiszitten geconstateerd wordt, maar ook waar sprake is van zeer complexe gevallen. In alle gevallen wordt intensief gezocht naar creatieve, passende oplossingen, die leerlingen en hun ouders verder helpen.
  • Bij de aanpak voortijdig schoolverlaters is gestart met de voorbereidingen voor het monitoren van leerlingen van po en vso scholen. Ook is een start gemaakt met de samenwerking met partijen uit het domein arbeid en met multidisciplinair werken. De regiopartners monitoren met elkaar het gebruik van het regionale verzuimprotocol voor het mbo. De pilot op Rotterdam Zuid voor de vernieuwde vsv aanpak is gestart.
  • Om uitval te voorkomen wordt ingezet op preventieve acties (voorlichtingen op school door de leerplichtambtenaar, inzet van projectteam Registratieve Ondersteuning Scholen, deelname aan gebiedsnetwerken, deelname aan zorgoverleggen op school). Daarnaast wordt in 100% van de meldingen ongeoorloofd verzuim actie ondernomen door leerplicht.
  • Het lerarentekort en de personeelstekorten in de kinderopvang zijn in 2019 toegenomen. De aanpak ‘leraren’ is daarom geïntensiveerd.
  • Bij het leerlingenvervoer constateren wij een grote groei. Wij zien een toename van het aantal afgegeven indicaties en stijging van duurdere vormen van vervoer. Er worden meer leerlingen vervoerd en er worden ook meer leerlingen in de duurdere vormen van vervoer vervoerd. Op dit moment worden er maatregelen genomen om de groei terug te dringen.

Wat willen we bereiken?

Effect indicatoren

Wat hebben we daarvoor gedaan?

Prestatie indicatoren

Indicatoren

Effectindicatoren 

2017

(2016-17)

2018

(2017-18)

2019

(2018-19)

2020

(2019-20)

2021

(2020-21)

2022

(2021-22)

Collegetarget 6: Meer kinderen/jongeren bereiken een hoger onderwijsniveau              
Doelgroep peuters Streefwaarde   89% 89% 89% 89%  
Realisatie 89% 80%        
Referentie taal Streefwaarde   55,3% 55,8% 56,3% 56,9%  
Realisatie 54,9% 58%        
Referentie lezen Streefwaarde   62,4% 63,9% 65,4% 67,4%  
Realisatie 60,9% 67%        
Referentie rekenen Streefwaarde   35,5% 36,2% 37% 37,8%  
Realisatie 34,8% 36%        
Derde leerjaar VO Streefwaarde   77% 78% 79% 80%  
Realisatie 78% 77% 77%      
Beroepsbegeleidende leerweg (bbl) Streefwaarde   14% 15,5% 17% 18%  
Realisatie 13,5% 14% 16%      
Aantal jongeren/kinderen dat langer dan 3 maanden thuiszit zonder passend aanbod van onderwijs- en/of zorg Streefwaarde   N.v.t. 110 (2018-19) 55 (2019-20) 28 (2020-21) 14 (2021-22)
Realisatie N.v.t. N.v.t. 280      
NPRZ Onderwijsbeleid: Een hogere gemiddelde score op de Centrale Eindtoets Streefwaarde         531,9 (2021-22) 531,9 (2021-22)
Realisatie 532,5 (2016-17)          

Toelichting effectindicatoren

De resultaten die in het verleden zijn behaald bij het verhogen van de Rotterdamse onderwijsprestaties geven aan dat we op de goede weg zijn. We weten ook uit tal van onderzoeksrapporten dat het opleidingsniveau in belangrijke mate van invloed is op toekomstige gezondheid, kansen op werk en andere maatschappelijke situaties waarin mensen verkeren (o.a. SCP, 2018). We streven naar een passend onderwijsniveau voor alle kinderen. Rotterdam heeft de afgelopen jaren een inhaalslag gemaakt, maar we zijn nog niet klaar. Het gemiddelde opleidingsniveau van Rotterdamse leerlingen loopt nog niet in de pas met het niveau in de G4 en/of de rest van Nederland. Het collegetarget is dan ook:

 

1. Meer kinderen/jongeren bereiken een hoger onderwijsniveau

Hieronder vallen vier meetbare subtargets voor de verschillende sectoren van de onderwijsportefeuille:

 

1. A. Het percentage 3-jarige doelgroeppeuters dat gebruik maakt van het extra aanbod ‘spelen en leren’ blijft minimaal gelijk.

Het percentage 3-jarige Rotterdamse doelgroeppeuters dat gebruik maakt van het extra aanbod ‘spelen en leren’ blijft minimaal gelijk (89% in 2017). Het extra aanbod spelen en leren is het wettelijk verplichte aanbod voorschoolse educatie aan peuters met het risico op een taalachterstand (zogenaamde doelgroeppeuters).

 

1.B. Het aantal Rotterdamse basisschoolleerlingen op het streefniveau van de referentieniveaus stijgt in 2021 naar het landelijk gemiddelde van 2017.

De referentieniveaus beschrijven welke basiskennis en -vaardigheden leerlingen moeten beheersen voor taal, rekenen en lezen. Het streven is als volgt:

  • voor taal: stijging van 54,9% naar 56,9%
  • voor lezen: stijging van 60,9% naar 67,4%
  • voor rekenen: stijging van 34,8% naar 37,8%

 

1.C. Het percentage leerlingen in het derde leerjaar van het vo dat zit op het niveau van het advies van de basisschool of hoger stijgt van 77% in 2017 naar 80% in 2021.

Eén van de problemen in het onderwijs is de afstroom van leerlingen in het voortgezet onderwijs (leerlingen zakken een niveau in het onderwijs, bijvoorbeeld van havo naar vmbo). Met dit subtarget focussen we op het voorkomen van afstroom.

 

1.D. Het aandeel Rotterdamse jongeren dat de beroepsbegeleidende leerweg volgt aan een Rotterdamse mbo-instelling stijgt.

Het aandeel Rotterdamse jongeren dat de beroepsbegeleidende leerweg volgt aan een Rotterdamse mbo-instelling stijgt van 13,5% in 2017 naar 18,0% in 2021.

 

2. Aantal jongeren/kinderen dat langer dan 3 maanden thuis zit zonder passend aanbod van onderwijs- en /of zorg

Dit is het totaal aantal jeugdigen van 5-18 jaar dat langer dan 3 maanden thuiszat: of een passend aanbod hebben gekregen van onderwijs- en/of zorg. In 2018 waren er 280 jeugdigen thuis; toen is niet gemeten of zij passend aanbod hebben gekregen.

 

3. NPRZ Onderwijsbeleid: Een hogere gemiddelde score op de Centrale Eindtoets

Het hoofddoel van de pijler school van het NPRZ is hoger onderwijsresultaten. Op dit moment houden we vast aan de cito-eindtoets als indicator, maar de wens is om over stappen naar een betere indicatoren (lang niet iedere school hanteert de cito eindtoets). Deze indicator zal op termijn worden aangepast. Voorlopig is het doel om de gemiddelde score op de Centrale Eindtoets te verhogen naar 531,9 (was 530,8 in schooljaar 15-16).

Prestatie-indicatoren 201720182019202020212022
Actie leerplichtambtenaar op ongeoorloofd verzuimmelding po en vo Streefwaarde   100% 100% 100% 100% 100%
Realisatie N.v.t. 100%        
Actie leerplichtambtenaar op ongeoorloofd verzuimmelding mbo Streefwaarde   100% 100% 100% 100% 100%
Realisatie N.v.t. 100%        
Alle Rotterdamse vsv-ers zijn in beeld en we werken met hen aan een passende vervolgstap. Streefwaarde   100% 100% 100% 100% 100%
Realisatie N.v.t. 100%        

Wat heeft het gekost?

Overzicht baten en lasten

Overzicht van baten en lasten Onderwijsbeleid en leerlingzakenOorspr.
Begroting
2019
Bijgestelde
Begroting
2019
Realisatie
2019
Afwijking
Baten exclusief reserves65.73164.22858.669-5.559

Bijdragen rijk en medeoverheden 65.402 63.945 58.622 -5.323
Overige opbrengsten derden 329 283 47 -236
Overige baten 0 0 0 0
Lasten exclusief reserves126.981131.394124.598-6.797

Apparaatslasten 11.372 13.417 12.959 -458
Inhuur 57 509 589 80
Overige apparaatslasten 239 326 323 -3
Personeel 11.076 12.582 12.046 -536
Interne resultaat 9.887 9.798 9.573 -224
Interne resultaat 9.887 9.798 9.573 -224
Programmalasten 105.722 108.180 102.066 -6.114
Financieringslasten 500 500 0 -500
Inkopen en uitbestede werkzaamheden 7.817 9.397 7.842 -1.555
Kapitaallasten 0 0 0 0
Overige programmalasten 0 0 1 1
Salariskosten WSW en WIW 0 0 0 0
Sociale uitkeringen 7.066 11.621 12.296 674
Subsidies en inkomensoverdrachten 90.339 86.662 81.928 -4.734
Saldo voor vpb en reserveringen -61.250 -67.166 -65.928 1.238
Saldo voor reserveringen -61.250 -67.166 -65.928 1.238
Reserves655913676-237

Onttrekking reserves 655 913 676 -237
Toevoeging reserves 0 0 0 0
Vrijval Reserves 0 0 0 0
Saldo -60.596 -66.253 -65.252 1.001

Overzicht afwijkingen

Overzicht afwijkingenAfwijking batenAfwijking lastenAfwijking reservesAfwijking saldo
1. Voor- en vroegschoolse educatie -3.063 -3.535 0 472
2. Regio Deal Rotterdam Zuid -2.022 -4.065 0 2.043
3. Leerlingenvervoer 0 648 0 -648
4. Diverse afwijkingen -474 398 0 -872
5. Bestemmingsreserve Leertijduitbreiding 0 -243 -237 6
Totaal afwijkingen -5.559 -6.797 -237 1.001

Toelichting overzicht afwijkingen

1. Voor- en vroegschoolse educatie (vve)

Het onderwijsbeleid kent de rijksuitkering onderwijsachterstandenbeleid. Het grootste deel van de middelen wordt ingezet voor de voor- en vroegschoolse educatie. De prognose is gericht op het uitvoeren van de wettelijke vve-taak van de gemeente voor doelgroeppeuters en niet-Kinderopvangtoeslag-gerechtigde peuters. De lagere lasten worden hoofdzakelijk veroorzaakt door minder vve-groepen. Daarnaast zijn de lasten lager omdat de wettelijke uitbreiding van vve-uren in peuteropvang en kinderdagopvang in 2019 minder snel kon worden doorgevoerd en de ouderbijdragen van de voor- en vroegschoolse educatie zijn hoger uitgevallen dan geprognotiseerd. De rijksregeling onderwijsachterstandenbeleid loopt van 2019 tot en met 2022. Het niet-bestede deel van de specifieke uitkering over een bepaald jaar mag doorgeschoven worden naar een volgend jaar binnen dat tijdvak. Dit verklaart grotendeels de lagere realisatie van baten en lasten.  

 

2. Regio Deal Rotterdam Zuid

De Regio Deal Rotterdam Zuid bevat een samenhangende aanpak van Rijk en regio om de verschillende opgaven in Rotterdam Zuid aan te pakken voor de periode 2019 tot en met 2025. Vanuit het onderwijsbeleid zijn er middelen beschikbaar gesteld voor de Dagprogrammering en Aanpak van het lerarentekort. De lagere lasten worden veroorzaakt doordat de daadwerkelijke uitvoering pas medio 2019 is gestart vanaf schooljaar 2019-2020. Vanwege de lagere lasten zijn er ook minder rijksbaten ingezet voor dit jaar.
 

3. Leerlingenvervoer

De lasten van het leerlingenvervoer zijn gestegen door een stijging van het aantal afgegeven indicaties.

 

4. Diverse afwijkingen

Dit is het saldo van diverse over- en onderbestedingen.
 

5. Bestemmingsreserve Leertijduitbreiding  

In het kader van Leertijduitbreiding in de Children's Zone is er minder gerealiseerd in 2019. De uitvoering van het geplande project start namelijk in 2020.


 

Omschrijving taakveld

Binnen het Programma Onderwijs voert de gemeente wettelijke taken uit, zoals leerlingenvervoer, voor- en vroegschoolse educatie (vve), voortijdig schoolverlaten (vsv) en onderwijs aan kinderen van statushouders en asielzoekers en onderwijshuisvesting. Daarnaast ontwikkelt de gemeente stedelijk beleid waarvoor zowel gemeentelijke middelen als rijksmiddelen worden ingezet. Ook heeft de gemeente een stedelijk beleid  schoolzwemmen.