Sustainable Development Goals

In 2015 zijn vanuit de Verenigde Naties de Sustainable Development Goals opgesteld; 17 duurzame ontwikkelingsdoelen en 169 sub-doelstellingen die voor de periode tot 2030 dé wereldwijde sociale en duurzame agenda vormen. Ze zijn een mondiaal kompas voor uitdagingen als armoede, onderwijs en de klimaatcrisis en volgen de Millenniumdoelen op, die van 2000 tot 2015 liepen. Deze ambitieuze agenda is onderschreven door 193 lidstaten van de VN, waaronder Nederland. Veel van de doelen hebben raakvlakken met de opgaven die in Rotterdam spelen.

De laatste decennia wordt al een groeiende mate van ongelijkheid waargenomen op nationaal, maar ook mondiaal niveau. De Coronacrisis laat zien en versterkt het feit dat de welvaart en het welzijn van Rotterdammers ongelijk is verdeeld. Vooral de kwetsbare groepen in onze stad vragen en krijgen extra aandacht. Er liggen ook kansen voor verandering op de verschillende dimensies van duurzaamheid (sociaal, ecologisch, economisch) die sterk met elkaar zijn verbonden. Op die manier hebben het Brede welvaartsbegrip en de SDG’s grote betekenis gekregen.

Als eerste stap heeft Gemeente Rotterdam zich aangesloten bij de VNG-campagne ‘Gemeenten 4 Global Goals’. De meerwaarde van de SDG’s ligt in het gebruik als gemeenschappelijke taal in de organisatie, maar ook met partners in de stad en Rotterdammers, in het land en in de EU. Een gemeenschappelijke taal en gemeenschappelijke doelen helpen om opgavegericht en integraal te werken en nieuwe partnerschappen aan te gaan, of bestaande te verstevigen. Aan de vraag hoe die meerwaarde ingezet kan worden en tot resultaat kan leiden wordt op dit moment door een groot aantal Nederlandse gemeenten gewerkt. In VNG en G4 verband worden goede ervaringen en geleerde lessen veelvuldig uitgewisseld. Na deze eerste stap in het werken met de SDG’s richt de strategie voor de verdere implementatie en uitvoering zich op drie verschillende sporen: ten eerste het verdiepen in de SDG’s, ten tweede het leren en kennis ontwikkelen en als derde het toepassen van de SDG’s in en met de stad.

Het eerste spoor is erop gericht om meer kennis en inzicht in de SDG’s te krijgen. De doelstellingen zelf zijn simpel verwoord, maar hier gaat een wereld achter schuil die we beter willen leren kennen en vertalen naar de Rotterdamse context. Ook maken we in dit spoor vanuit de Staat van de Stad de koppeling met de Monitor Brede Welvaart van het CBS, Daarnaast bekijken we wat de SDGs betekenen voor de verschillende beleidsprogramma's zoals Resilient Rotterdam. Door deze modellen en programma's te koppelen aan de SDG's houden we het overzicht op alle verschillende uitdagingen waar Rotterdam voor staat.

Het tweede spoor is erop gericht om te leren hoe de SDG’s gebruikt kunnen worden in de verschillende opgaven van de gemeente Rotterdam. Inmiddels worden ze bijvoorbeeld bij beleidsstukken en rapportage van de Sportnota, het Duurzaamheidskompas, en bij NPRZ gebruikt om richting te geven aan beleid en om de voortgang te volgen. Momenteel worden ook de eerste ervaringen in het werken met de SDG’s in de wijken opgedaan. Zo worden de SDG’s gebruikt in het programma Oud-Crooswijk. Bovendien zijn de clusters Maatschappelijke Ontwikkeling en Stadsontwikkeling bezig om de SDG’s onderdeel te maken van hun jaarplan cyclus. Het leren doen we daarnaast ook met onze partners. In G4-verband is een kennisuitwisseling geweest, met de VNG is een kennistraject opgestart en in Europees verband is er contact met onder meer Barcelona en Wenen om van elkaars ervaringen te leren.

In het kader van het derde spoor loopt er onderzoek vanuit de Erasmus Universiteit om concrete handvaten te leveren hoe de SDG’s toegepast kunnen worden in o.a. beleidsvorming en gebiedsontwikkeling. Tevens wordt bij het impactonderzoek van initiatieven uit de stad, als onderdeel van Citylab010, onderzocht of en hoe de initiatieven bijdragen aan de SDG’s. Over de toepassing in het bestaande beleid geven we verderop in deze paragraaf een stand van zaken. We voorzien dit laatste jaar van deze bestuursperiode geen concrete nieuwe beleidsontwikkelingen waarbij de SDG's worden betrokken. De kennis en inzichten voor de beleidsvorming worden dan ook vooral gebruikt ter voorbereiding van de volgende bestuursperiode, mochten het komende College en de nieuwe Gemeenteraad daarvoor kiezen.

In deze sporen willen we als internationale stad aangehaakt zijn en blijven bij Europese en mondiale ontwikkelingen op het gebied van de SDG’s. Door Rotterdam actief te profileren als SDG-stad en de ontwikkelingen rondom het EU Meerjarig Financieel Kader 2021-2027 en de Green Deal op de voet te volgen, hopen we optimaal gebruik te maken van middelen en samenwerkingsverbanden die hiermee samenhangen.

De afgelopen maanden en komende periode gaat er ook veel aandacht uit naar het vergroten van de kennis en draagvlak in de gemeentelijke organisatie. Om ook in de stad een geloofwaardige partner in het vraagstuk van de SDG’s te kunnen zijn, geloven wij in het credo ‘practice what you preach’. We willen het zogenoemde ‘SDG washing’ voorkomen en laten zien dat wij deze doelstellingen serieus nemen. Om die reden ligt eerst de focus op het versterken van de gemeentelijke werkwijze en organisatie, om vervolgens de SDG’s ook actief aan te gaan jagen in de stad. Het komende jaar zal deze aanjaagfunctie in de stad steeds sterker opgepakt of gefaciliteerd worden, met als doel een sterke SDG-alliantie in Rotterdam te vormen. Dit moet bijdragen aan SDG 17; betere partnerschappen zodat de inspanningen op de doelen gestroomlijnd worden en meer maatschappelijke impact gemaakt wordt.

De externe communicatie is momenteel nog, bewust, kleinschalig gehouden en wordt de komende tijd gestaag opgebouwd. Wel is onder andere via de VNG al gecommuniceerd over de deelname van de gemeente Rotterdam aan de Gemeenten4Globalgoals campagne. Daarnaast is in de begroting 2021 voor de eerste keer een SDG-paragraaf toegevoegd om de bijdrage aan de SDG’s beter inzichtelijk te maken, die ook extern is in te zien. Binnen de gemeentelijke organisatie wordt bovendien een netwerk opgezet, zodat iedere Rotterdamse gemeenteambtenaar enerzijds op de hoogte kan blijven van de ontwikkelingen en initiatieven rondom de SDG’s in de stad, maar anderzijds ook actief aangemoedigd wordt om  bij te dragen en mee te denken.

Tot slot willen we inzicht geven in de bijdrage aan de SDG’s met ons bestaande beleid, waarover in de taakvelden wordt gerapporteerd. Hier lichten we een aantal van die ontwikkelingen uit die zijn gelieerd aan de SDG’s.

Het belang van het bestrijden van armoede (SDG1) is in deze tijden van de coronacrisis alleen maar duidelijker geworden. Onderzoeken laten zien dat er nieuwe kwetsbare doelgroepen naar voren komen (jongeren, zzp’ers en flexwerkers) en er is gebleken dat kwetsbare Rotterdammers nog kwetsbaarder zijn geworden. Om armoede tegen te gaan, is de integrale gezinsaanpak inkomensregelingen uitgebreid waarmee tot 1 maart 2021 282 gezinnen ondersteund zijn. Bovendien is in april jl. de pilot ‘Interventie Versneld Schuldenregelen’ van start gegaan. Er is een stijging waargenomen in het aantal aanvragen voor WMO-ondersteuning, voornamelijk onder de doelgroep van ouderen (SDG 3, gezondheid). Een zorgelijke ontwikkeling is dat het aantal jongeren in de bijstand (SDG 8, eerlijk werk en economische groei) door invloed van Corona aanzienlijk is gestegen t.o.v. dezelfde periode in 2020, wat wel in lijn is met de door het Centraal Planbureau voorspelde toename. Daarentegen is het aantal jonge statushouders in de bijstand afgenomen, zodat deze nu lager ligt dan de streefwaarde. Wanneer we kijken naar de taaltrajecten (SDG 10, ongelijkheid verminderen), zien we dat er in 2021 weinig instroom heeft plaatsgevonden. De oorzaak is dat de fysieke lessen geen doorgang konden vinden. Ook hebben cursisten moeite met tijdig afronden van hun trajecten. Echter wordt door de beperkingen door alle aanbieders versneld overgestapt naar digitaal lesgeven, wat voor de toekomst een belangrijke positieve ontwikkeling is.

Het verduurzamen van woningen (SDG 7, betaalbare en duurzame energie) loopt vertraging op doordat geplande huisbezoeken in maart en april opgeschort zijn. Ook gaat het participatieproject in Prinsenland – Het Lage Land nog niet van start zoals gepland was. De Coronacrisis heeft op de korte termijn een positieve invloed op de voortgang van het collegetarget dat gaat over een betere luchtkwaliteit, met name vanwege een lagere verkeersintensiteit (SDG 7/11/13, duurzame steden en klimaatactie). Omdat deze impact tijdelijk is, blijven maatregelen uit de Koersnota Schone Lucht noodzakelijk. In maart is de ‘Fietsparkeerstrategie binnenstad’ vastgesteld (SDG 9, innovatie en duurzame infrastructuur), waarmee een verdere concretisering van het meerjarige beleidsstuk ‘Fietskoers’ wordt vormgegeven. Bovendien wordt de hoeveelheid zwerfafval in de wateren van Rotterdam verminderd, zoals vastgelegd in de strategie Marien Zwerfafval (SDG 12, verantwoorde consumptie en productie). Daarvoor wordt samengewerkt met partners zoals Rijkswaterstaat om effectief tot vermindering te komen. Als kader voor de totale openbare ruimte in Rotterdam is de Visie op de Openbare Ruimte door de raad vastgesteld (SDG 14, leven op land). De uitvoeringsagenda hiervan ‘Biodiversiteit in Rotterdam’ is besproken in de commissie BWB.

Dit is geen uitputtend overzicht van lopende ontwikkelingen, maar geeft wel een beeld van de met elkaar samenhangende inspanningen die we als Gemeente Rotterdam samen met verschillende andere partijen op de verschillende doelstellingen plegen.

Conclusie

Ook in tijden van Coronacrisis zijn de inspanningen van de Gemeente onverminderd doorgegaan, maar er is een vertragende trend waar te nemen in de invloed die de crisis heeft op het bereiken van de doelen die binnen het Rotterdams beleid gesteld worden. Positieve ontwikkelingen, zoals een verbetering van luchtkwaliteit, lijken voornamelijk tijdelijk van aard en zijn maar nauwelijks waar te nemen. Dit geeft des te meer de urgentie aan om de lange termijn doelstellingen van de SDG’s in het oog te houden en samen te werken aan een schone en welvarende stad waarin iedereen naar vermogen kan meedoen. De SDG’s kunnen als gemeenschappelijke taal en integraal raamwerk de leidraad vormen in samenwerking binnen de gemeentelijke organisatie, met organisaties binnen de stad en met organisaties buiten de stad en buiten Nederland.