Jonge Rotterdammers groeien veilig, gezond en kansrijk op

Effectieve en efficiënte Jeugdhulp met aandacht voor wachttijden binnen de gestelde normen

Passende Jeugdhulp voor Rotterdamse jeugdigen en gezinnen dichtbij

Omschrijving taakveld

Binnen het taakveld Geëscaleerde zorg 18- gaat het om situaties waarbij de sociale en/of fysieke veiligheid van een jeugdige in het geding kan zijn. In die gevallen kan het nodig zijn effectieve en efficiënte jeugdhulp te bieden en/of samenhangende hulp te organiseren rond de jeugdige en/of het gezin. In sommige situaties is het zelfs noodzakelijk dat de jeugdige naar een residentieel verblijf (24-uurs verblijf + jeugdhulp) gaat.

Vormen van jeugdhulp die onder dit taakveld vallen worden uitgevoerd binnen het samenwerkingsverband Jeugdhulp Rijnmond. Het gaat dan om o.a. Jeugdbescherming, Veilig Thuis, crisishulp, gesloten Jeugdzorg, jeugd-GGZ.

Wat willen we bereiken

Effect indicatoren

Jonge Rotterdammers groeien veilig, gezond en kansrijk op

Effectieve en efficiënte Jeugdhulp met aandacht voor wachttijden binnen de gestelde normen

Passende Jeugdhulp voor Rotterdamse jeugdigen en gezinnen dichtbij

Wat gaan we daar voor doen

Prestatie indicatoren

Jonge Rotterdammers groeien veilig, gezond en kansrijk op

Effectieve en efficiënte Jeugdhulp met aandacht voor wachttijden binnen de gestelde normen

Passende Jeugdhulp voor Rotterdamse jeugdigen en gezinnen dichtbij

Effect indicatoren 201720182019202020212022
Collegetarget 9: Van 2018 naar 2021 wordt ingezet op een daling van 10% jeugdigen in instellingen Streefwaarde     353 341 329  
Realisatie   365        
Daling aantal jongeren met jeugdbeschermings-maatregel OTS (% van alle jongeren tot 18 jaar) Streefwaarde   1.333 1.305 1.285 1.262 1.248
Realisatie 1.365          
Daling verblijfsduur jeugdigen in gesloten jeugdzorg (in maanden) Streefwaarde   < 8 7 7 6 6
Realisatie 9          
Daling aantal delicten gepleegd door R’damse jeugdigen per 1.000 inwoners Streefwaarde   19 18 17 16 15
Realisatie 24*          
* in 2016

Toelichting effect indicatoren

1. Van 2019 naar 2021 wordt ingezet op een daling van 10% jeugdigen in instellingen

Te veel kinderen worden geholpen in een instelling. Door beter en eerder aan te sluiten op de leefsituatie van de jeugdige kunnen meer kinderen in de thuissituatie geholpen worden. Of, wanneer dit niet mogelijk is, in een situatie die de thuissituatie zoveel mogelijk benaderd, zoals een kamertraining of pleegzorg. Dit is beter voor het kind omdat hij daardoor zo gewoon mogelijk opgroeit, in een leefomgeving met ouders/verzorgers, vrienden, onderwijs en verenigingsleven. Ook wordt daardoor voorkomen dat een kind (soms verschillende keren) van de ene naar de andere instelling wordt verhuisd. Dit vraagt om een transformatie van het aanbod van jeugdhulp en is de kern van het plan dat eind september zal worden ingediend bij VWS. Om deze belangrijke omslag bij de jeugdhulp goed te kunnen volgen is de volgende target vastgesteld:
De jeugdhulp moet zoveel mogelijk gaan aansluiten op de leefsituatie van de jeugdigen. Daarom wordt gewerkt aan een verschuiving van jeugdhulp in instellingen naar jeugdhulp in de thuissituatie: Van 2019 naar 2021 wordt ingezet op een daling van 10% jeugdigen (ten opzichte van 2018) in instellingen, door meer kinderen op te vangen in een thuissituatie.

*Voor 2018 kan nu een prognose gegeven worden van het aantal cliënten in instellingen. De nulmeting (daadwerkelijke realisatie 2018) wordt in het eerste kwartaal 2019 bekend. Dit kan van invloed zijn op de streefwaardes.

2. Daling aantal jongeren met jeugdbescherming

Het aantal jongeren met een jeugdbeschermingsmaatregel ‘ondertoezichtstelling’ (OTS), afgegeven door een kinderrechter. Het betreft een maatregel die de rechter dwingend oplegt als een gezonde en veilige ontwikkeling van een kind of jeugdige wordt bedreigd en vrijwillige hulp niet of niet voldoende helpt. Een kind of jongere wordt dan ‘onder toezicht gesteld’. Streven is een daling van het aantal jongeren waarvoor een OTS nodig is, waarbij dit streven uiteraard niet ten koste mag gaan van de gezonde en veilige ontwikkeling van jeugdigen.

3. Daling verblijfsduur jeugdigen in gesloten jeugdzorg

Het uitgangspunt “open, tenzij” moet continu toetsbaar zijn. De ambitie van zowel Haaglanden als Rijnmond is dat jeugdigen zo min mogelijk en zo kort mogelijk in een gesloten setting verblijven. Hiervoor zijn nieuwe behandel- en begeleidingsstrategieën nodig.
Voor 2018 en verder wordt toegewerkt naar kleinschalige voorzieningen met een differentiatie in de mate van (mogelijkheden tot) geslotenheid en het inzetten van intensieve ambulante trajecten (al startend voorafgaand aan - of in aansluiting op geslotenheid).

4. Daling aantal delicten gepleegd door R’damse jeugdigen per 1.000 inwoners

Streven is een daling van het aantal delicten dat gepleegd wordt door Rotterdamse jeugdigen. Dit draagt bij aan de doelstelling van het beleidskader Rotterdam Groeit om het aantal jeugdigen dat zich schuldig maakt aan criminaliteit te verminderen.
Streefwaarden volgen nog, hierover vindt nog overleg plaats met oa. Directie Veilig.

Prestatie indicatoren 201720182019202020212022
Terugbrengen wachttijden jeugdbescherming (bij toewijzing casusregie aan jeugdbescherming binnen 5 werkdagen face-to-face contact) Streefwaarde   50% 75% 90% 95% 95%
Realisatie 25,5%          
Doorlooptijden verminderen crisishulp: residentiele plaatsingen terugbrengen naar de vastgestelde norm van gemiddeld 4 weken Streefwaarde   8-10 wkn 5-7 wkn 0-4 wkn 0-4 wkn 0-4 wkn
Realisatie 9-12 wkn          
Verminderen totale duur ondertoezichtstelling (OTS) (in maanden) Streefwaarde   27,6 27,4 27,2 27,0 26,8
Realisatie 27,8          
* Over voorgestelde streefwaarden vindt nog overleg met JBRR plaats; deze kunnen nog wijzigen.

Overzicht baten en lasten

Overzicht van baten en lasten Geëscaleerde zorg 18-Begroting
2019
Raming
2020
Raming
2021
Raming
2022
Baten exclusief reserves1.9361.5411.5411.541

Bijdragen rijk en medeoverheden 1.936 1.541 1.541 1.541
Lasten exclusief reserves102.475105.020105.022105.022

Apparaatlasten 1.766 1.967 1.969 1.969
Inhuur 56 144 144 144
Overige apparaatslasten -16 -79 -77 -77
Personeel 1.726 1.902 1.902 1.902
Interne resultaat 0 0 0 0
Interne resultaat 0 0 0 0
Programmalasten 100.709 103.053 103.053 103.053
Inkopen en uitbestede werkzaamheden 0 0 0 0
Subsidies en inkomensoverdrachten 100.709 103.053 103.053 103.053
Saldo voor vpb en reserveringen -100.539 -103.479 -103.480 -103.480
Vennootschapsbelasting0000
Saldo voor reserveringen -100.539 -103.479 -103.480 -103.480
Reserves0000
Onttrekking reserves 0 0 0 0
Saldo -100.539 -103.479 -103.480 -103.480

Aansluiting voorgaande begroting

Aansluiting met voorgaande begroting
(saldo na reservering)
Begroting
2019
Raming
2020
Raming
2021
Raming
2022
Oorspronkelijke begroting -100.337 -103.249 -103.251 -103.251
Bijstellingen Omissieregeling 2019 (technische wijzigingen) -202 -229 -229 -229
Totaal bijgestelde begroting -100.539 -103.479 -103.480 -103.480