Begroting 2023 en Tweede Herziening 2022

Rotterdam: Eén stad

Bestuurlijke hoofdlijnen 2023-2026 Pagina 150

Bestuurlijke hoofdlijnen 2023-2026

Openbaar Groen 

De komende jaren realiseert de gemeente meer groen: er komt nogmaals 20 hectare bij. De gemeente werkt aan klimaatadaptatie in de stad (‘Rotterdams WeerWoord’), aan biodiversiteit en aan groenblauwe verbindingen. Daarvoor is een groenagenda met integrale aanpak in ontwikkeling, inclusief de rivieroevers. Via het Recreatieschap Rottemeren werkt de gemeente aan realisatie van het Ontwikkelplan Landschapspark de Rotte. Het Landschapspark omvat de hele Rotte, van oorsprong tot dam. De stedelijke Rotte moet beter en levendiger, als groenblauwe verbinding tussen stad en landschap. Het Museumpark ondergaat een metamorfose, in aansluiting op de ontwikkeling van het Depotgebouw met een nieuw Voorplein en de renovatie van Museum Boijmans Van Beuningen.

Stadsprojecten

De komende jaren begint de uitvoering van de eerste stadsprojecten. Het doel is de stad mooier, beter en groener te maken, én om meer ruimte te bieden aan cultuur en buitenspelen. Verder zijn de projecten een vliegwiel voor woningbouw en stimuleren de stadsprojecten de lokale economie.

Bij de stadprojecten en uitvoering van de Visie op de Openbare Ruimte werken we integraal met andere grote ontwikkelingen, zoals de Groei van de Stad, de energietransitie, klimaatadaptatie (Rotterdams WeerWoord) en de groei naar een circulaire economie.

 

Milieu

De ambitie om in deze collegeperiode circa 3.500 woningen per jaar te realiseren, maakt het bouwen noodzakelijk bij snel-, spoor- en vaarwegen en industrieterreinen. Op deze locaties liggen grote opgaven op het gebied van luchtkwaliteit, geluid, bodem en externe veiligheid. Vroegtijdige betrokkenheid van milieuexperts bij deze ontwikkelingen is daarom van essentieel belang.

 

Ruimtelijke Ordening

In 2023 lijkt de Omgevingswet eindelijk in te gaan. Deze wet heeft grote gevolgen voor het ruimtelijk beleid. De invoering van de Omgevingswet is een opgave voor de hele organisatie, gericht op de vier maatschappelijke doelen van de wet. Hierover staat verderop in dit document meer onder de paragraaf Implementatie Omgevingswet. Een belangrijke opgave die hier onder valt is het voorsorteren op het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO).

De omgevingsvisie is een levend document. Nieuwe inzichten, trends en ontwikkelingen en de voortgang in de uitvoering vragen om de omgevingsvisie periodiek te actualiseren. Een eerste herziening van de omgevingsvisie wordt voorbereid. De visie voor de ontwikkeling van het gebied A tot Z en de uitkomsten van de MIRT-verkenning oeververbindingen Rotterdam vormen de basis voor deze eerste herziening.

Daarnaast heeft de gemeenteraad opdracht gegeven om de ruimtelijke stedelijke ambities uit de omgevingsvisie én het coalitieakkoord te vertalen naar concrete, haalbare programma’s en projecten voor de periode 2022-2026 en verder en deze vast te leggen in een uitvoeringsstrategie waarmee we bijdragen aan goede groei. Dit vraagt om een proces waarna het als gemeente mogelijk is om op basis van inhoud en financiële middelen prioriteiten te stellen en tot samenhangende pakketten te komen. Tenslotte wordt een kader uitgewerkt voor monitoring en evaluatie van de omgevingsvisie, vast te stellen door de gemeenteraad. Dit helpt om overzicht en regie te houden op de groei van de stad. 

Mobiliteit 

In de komende jaren is de inzet op mobiliteit en verkeer, en op vervoer gericht op enkele beslissende stappen die de stad zullen veranderen. De gemeente maakt de drie stadsgebieden Noord (Oude Noorden, Agniesebuurt, Liskwartier), Centrum (Oude Westen) en West (Middelland en Nieuwe Westen) autoluwer, om daarmee de verkeersveiligheid en doorstroming te verbeteren. Binnen de gehele ring komt er betaald parkeren. Met de gemeentelijke partners kiest de gemeente een van de uitvoeringsvarianten van een nieuwe oeververbinding. Met deze stappen komt er meer ruimte in de stad en komen er mogelijkheden voor stedelijke groei en verdichting, zonder dat dit leidt tot meer verkeersopstoppingen en de stad verliest aan aantrekkelijkheid.

 

Wonen 

De woonvisie wordt herzien en aansluitend wordt er een woonakkoord gesloten. Dit is een uitwerking van het coalitieakkoord en legt de nadruk op de uitvoering in de periode 2023 tot 2026. Verwachting is dat de landelijke en provinciale opgaven eind 2022 of begin 2023 leiden tot regionale ‘woondeals’. Dit heeft mogelijk ook invloed op Rotterdamse ontwikkelingen.

Bij het woningbeleid gaat het om het creëren van een aantrekkelijk, divers en betaalbaar woningaanbod, in prettige en veilige wijken. Om te voorzien in de enorme vraag naar woonruimte, blijft de gemeente de komende jaren inzetten op het snel starten van nieuwbouw, op de omzetting van bedrijfsgebouwen naar woningen, en op vernieuwbouw. De doelstelling is te beginnen met de bouw van 14.000 tot 16.000 woningen in de periode 2022-2026. De nadruk ligt op woningen voor studenten, sociale stijgers en mensen met een middeninkomen, en ouderen.

De sturing hierop door de gemeente varieert. Er zijn gebiedsontwikkelingen die de gemeente op eigen grond uitvoert, zoals Parkstad, Rijnhaven en Merwe-Vierhavens. Daarnaast ontwikkelen andere organisaties projecten op grond die niet van de gemeente is. In die gevallen faciliteert de gemeente de bouw en stelt de gemeente kaders om een gewenste ontwikkeling te realiseren. Hierbij is de mogelijkheid om te sturen op planning, programma en verschijningsvorm minder groot.

Betaalbaarheid van huur- en koopwoningen wordt steeds belangrijker. Er komen dan ook meer betaalbare nieuwbouwwoningen met de verdeling: 20% sociaal, 35% middensegment, 30% hoger segment en 15% topsegment. Stapsgewijs past de gemeente de verdeling aan van de te bouwen woningen naar 25% sociaal, 40% middensegment, 20% hoger segment en 15% topsegment. Daardoor groeit het aandeel betaalbare woningen van lieverlee naar 65% (nu 50%).

Fijn wonen vraagt om meer dan alleen een woning. Daarom zet de gemeente de omgevingsvisie in op ‘goede groei’ van de stad. In de te ontwikkelen plannen is er daarom ook aandacht voor voldoende voorzieningen, een fijne buitenruimte, werklocaties, en uiteraard duurzaamheid en aanpassing aan het veranderende klimaat.